Een vallei vol verrassingen
De Vallée du Loir mag dan minder bekend zijn dan de Loirevallei, aan kastelen en bijzondere bezienswaardigheden ontbreekt het niet. Ze zijn vaak wat kleinschaliger en persoonlijker. Juist dat vonden wij aantrekkelijk toen wij deze zomer door deze vallei fietsten (lees hier alles over onze fietservaringen). Ook leuk: de afwisseling. Van kasteelbezoek, wijnproeverij tot brocantemarkt. Deze acht stops kun je ook prima opnemen in een route met de auto of camper.
1. Château du Lude – Le Lude
Château du Lude is de grote blikvanger van de vallei. Het ligt midden in Le Lude, pal aan de Loir. De vier gevels tonen verschillende bouwperiodes, van middeleeuwse vesting tot renaissance en 18e-eeuwse elegantie. Bijzonder is dat het kasteel nog altijd wordt bewoond. Tijdens de rondgang zie je dan ook pronkzalen én kamers die bij het huidige familieleven horen. Wij genoten vooral van de keuken, met enorme fornuizen, een forse schouw en rijen koperen pannen, en de personeelsvertrekken. Loop ook door de rozen- en kruidentuin en de siertuin langs de rivier. Controleer vooraf de bezoekdagen en rondleidingen op de website van Château du Lude.






2. Château de Poncé – Poncé-sur-le-Loir
Château de Poncé staat pal langs de doorgaande weg in Poncé-sur-le-Loir. Omdat het niet dagelijks open is, konden wij het alleen vanaf de weg bekijken. Ook daar valt het compacte renaissancekasteel van lichte natuursteen direct op. Achter het gebouw staat een hoge neogotische muur die veel later aan het domein werd toegevoegd. Binnen is de rijk gebeeldhouwde renaissancetrap het pronkstuk. Tja, die bewaren we dan maar voor een volgende keer. Wil je het kasteel bezoeken, controleer dan vooraf de website van Château de Poncé; de openstelling is beperkt en wisselt per seizoen.

3. Château de Bazouges – Bazouges
Château de Bazouges is zo’n kasteeltje waarvoor je graag even omrijdt. Het ligt aan het water, heeft elegante torens en wordt weerspiegeld in de Loir. Wij fietsten tot de ingang en waren meteen gecharmeerd: voor ons was dit een van de meest romantische kastelen van de reis. Het is privébezit en van binnen niet te bezoeken, maar je mag wel door de tuin wandelen. Voor het mooiste uitzicht rijd je vanuit Bazouges de brug over de Loir op. Kijk daar nog even achterom voor heet fraaie rivierzicht op het kasteel.

4. Palais du Roi René – Baugé-en-Anjou
Voor de volgende twee bezienswaardigheden rijd je naar Baugé-en-Anjou. Het robuuste Palais du Roi René werd in de vijftiende eeuw gebouwd voor René van Anjou. Hij gebruikte het als jachtpaleis, maar woonde en ontving hier ook gasten. De eigentijdse presentatie geeft een interessant beeld van het hofleven in die tijd. Hoewel je door verschillende zalen loopt, blijft het bezoek overzichtelijk en is de presentative heel divers. Erg leuk gedaan!






Combineer het paleis met Hôtel-Dieu, op ongeveer vijf minuten lopen (zie puntje 5). Informatie over beide locaties vind je op de gezamenlijke website van Château de Baugé en Hôtel-Dieu.
5. Hôtel-Dieu en de apotheek – Baugé-en-Anjou
Wat kun je verwachten van een 17e-eeuws ziekenhuis? Hôtel-Dieu laat zien hoe zieken vanaf de tijd van Lodewijk XIV tot ver in de 20e eeuw werden verzorgd. De ruimtes, instrumenten en verhalen maken duidelijk hoe langzaam de medische kennis veranderde en welke belangrijke rol religieuze zusters in de dagelijkse zorg speelden.
Het hoogtepunt is de 17e-eeuwse apothicairerie. In de donkere notenhouten kasten staan ruim 600 potten, flessen en andere houders nog op hun oorspronkelijke plek. Achter sommige middelen zat serieuze plantenkennis; bij andere vraag je je af hoe een patiënt de kuur overleefde. Voorbij de kleine barokke kapel vind je een tweede apotheek uit de twintigste eeuw. Ook als je gezond bent, is dit oude ziekenhuis een bezoek waard. Reken voor het paleis en Hôtel-Dieu samen minstens een halve dag. Let op: de apothicairerie is alleen met gids te bezoeken. Reserveer hier
6. Brocante in La Chartre-sur-le-Loir
La Chartre-sur-le-Loir is niet groot, maar voor liefhebbers van brocante en vintage een eldorado. Rond de Rue Nationale vind je antiquairs, brocanteurs, ateliers en winkels vol meubels, boeken en curiosa. Bij het toeristenbureau kun je een adressenlijst ophalen. In het derde weekend van juni, juli en augustus is er bovendien een grote brocantemarkt.
Plan je bezoek niet te strak, want de openingstijden van brocantezaken zijn niet altijd voorspelbaar. Bekijk vooraf het actuele overzicht van de brocantes in La Chartre-sur-le-Loir. Bewaar ook tijd voor koffie op het plein of een drankje in de bar van Hôtel de France, waar de racegeschiedenis van Le Mans aan de muren hangt.
7. Zoo de La Flèche – La Flèche
Bijzonder: de eerste particuliere dierentuin van Frankrijk vind je in de stad La Flèche. Hij werd in 1946 opgericht en inmiddels leven er zo’n 1.500 dieren uit Afrika, Azië en Amerika. Wij vonden het park mooi en ruim opgezet, met veel groen en aandacht voor dierenwelzijn en natuurbehoud. Trek er gerust een groot deel van de dag voor uit!

Insidertip: bijzonder is dat je midden in het park kunt overnachten in luxe lodges en hotelsuites met uitzicht op onder meer beren, wolven, tijgers, leeuwen of ijsberen. Wij bekeken een suite en een lodge en waren onder de indruk van het comfort. Dankzij de kamerhoge ramen zagen we in de berenlodge de dieren vlak voor het glas langslopen. Bij de ijsberen reikt het water tot ongeveer een derde van het raam, waardoor je ook onder water kijkt. Niet goedkoop, wel een ervaring die je bijblijft. Bekijk de actuele mogelijkheden bij Zoo de La Flèche.
8. Wandelen in Forêt de Bercé
Na alle kastelen is Forêt de Bercé een fijne groene tegenhanger. Dit grote staatsbos staat bekend om zijn kaarsrechte eiken, waarvan het hout onder meer voor wijnvaten wordt gebruikt. Acht eiken uit Bercé kregen zelfs een plek in de draagconstructie van de herbouwde torenspits van de Notre-Dame in Parijs. Door het bos lopen wandelroutes langs oude bomen, bronnen en rustige open plekken. Begin bijvoorbeeld in Jupilles, waar je in het bezoekerscentrum Carnuta meer leert over het bos en het werk van de boswachters.
P.S. Tijdens ons bezoek konden we vanwege brandgevaar niet verder het bos in. Een nuttige waarschuwing: bij droogte kunnen delen worden afgesloten. Controleer in warme periodes daarom vooraf de situatie en respecteer de afsluitingen. Jammer voor onze wandeling, maar begrijpelijk in een bos dat er eeuwen over doet om te groeien.
Extra tip: een dag naar Le Mans
Vanuit de Vallée du Loir kun je gemakkelijk een dag naar Le Mans. Autosportliefhebbers bezoeken het nieuwe M24 – Musée du Sport Automobile en het circuit van de 24 uur van Le Mans. Ook zonder racehart is de stad de moeite waard. In de ommuurde Cité Plantagenêt wandel je langs Romeinse muren, vakwerkhuizen, renaissancepanden en natuurlijk de imposante kathedraal. Zo combineer je in één dag twee heel verschillende kanten van Le Mans. Meer informatie: Le Mans Tourisme
Welke stops mag je niet missen?
Heb je maar één dag, kies dan Château du Lude en La Chartre-sur-le-Loir. Met twee dagen zouden wij Baugé toevoegen, vooral vanwege Hôtel-Dieu en de apotheek. Poncé en Bazouges zijn fijne korte tussenstops. Voor Zoo de La Flèche heb je een aparte dag nodig, zeker als je er blijft slapen. En wil je vooral de natuur in, kies dan Forêt de Bercé. Hoe je het ook invult, deze vallei is echt een heerlijke ontdekkingsreis!
Tekst: Josee Schouten Beeld: Inez van der Sluis, Josee Schouten, Chateau du Poncé ©J.P. Berloze, Brocante ©P. Beltrami
Geen reacties